De tomaat komt uit Amerika, dat door Columbus in 1492 werd ontdekt. Tomaten werden toen al duizenden jaren geteeld door mensen op de hellingen van de Andes. De tomaat kent een Amerikaanse oorsprong. Dit is vreemd. Amerikanen aten pas tomaten nadat de tomaat in Europa werd gegeten. Tot begin 1900 dachten Amerikanen nog dat de tomaat giftig was.
De tomaat kende net zoals in Amerika ook eeuwenlang argwaan in Europa. De allereerste beschrijvingen van de tomaat komen van de Nederlanders. Ook hebben de Nederlanders ertoe bijgedragen dat de naam van de tomaat, die eerst heel anders heette, is ontstaan.
In de Hortus Medicus van 1588 wordt voor het eerst het woord “tumatl” gebruikt. Zover we weten zijn het wellicht de Hollanders geweest die het woord ‘tomaat’ populairder maakten. In 1644 werd in een Hollandse tekst het woord 'tumatle' gebruikt, naar de oorspronkelijke naam ervan in Zuid-Amerika en die "rood water" zou betekenen. In 1651 duikt de naam “tomati’ in Engelse geschriften op. Toch duurt het nog ruim 200 jaar voordat het woord tomaat algemeen wordt. In 1855 is de naam “Appeltje der Liefde” in warmoezeniersboeken nog gewoon in het Nederlandse en Duitse taalgebied.
De tomaat kwam niet zomaar als een van de belangrijkste groente op ons bord. In 1519 kwam de tomaat mee naar Europa met de ontdekkingsreiziger Cortez. Ongeveer 25 jaar later werd het gekweekt in Hollandse, Engelse en Spaanse tuinen als curiositeit. Rond 1750 werd de tomaat in Europa als voedsel hier en daar geaccepteerd. Pas rond 1800 kregen we heel voorzichtig de smaak ervan te pakken. Maar in Engeland werd er zelfs in 1862 nog argwanend tegen aan gekeken en was daar geen gebruikelijke groente, behalve heel soms als soep. Maar het duurde nog decennia tot Europa overtuigd was van de “nieuwe” groente. In heel Europa werd de tomaat gekookt. De Hollanders waren een van de eersten die de volle warme smaak van rauwe tomaten wisten te waarderen.
De eerste tomaten waren rood of geel en zo klein als een bes. Zo rond 1600 verbeterden de Europese, en ook Hollandse, kwekers de tomaat. Zo werd de tomaat langzaam groter. Lobelius (1538 -1616), een vermaard plantenexpert uit het Nederlandse taalgebied meldt dat de tomaten één ‘cubitis‘ hoog groeien (dit zou ca. 40 cm zijn), terwijl de befaamde Remberd Dodoens noteert dat ze drie tot vier voeten hoog groeiden.